In één van mijn studieboeken stond dat als je eenmaal leert systemisch te kijken dat je niet anders meer kunt. Op dat moment begreep ik het wel maar zelf was ik nog niet zo ver. Ondertussen ben ik wel zover. Het leuke ervan is dat wat je leert of leest ineens herkenbaar wordt.

Laatst zat ik een film gebaseerd op een waargebeurd verhaal te kijken over oorlogsmisdaden. Toevallig had ik die week zitten lezen over hoe slachtoffers vaak rust vinden bij hun dader. Dit is iets wat erg moeilijk is om voor te stellen. Want het is logischer om de woede of verdriet van een slachtoffer te voelen. Tijdens deze film werd een man zwaar mishandeld. Later zoekt hij één van de betrokkene op om hem te confronteren met zijn daden.

Tijdens deze confrontatie worden de rollen omgedraaid. En even lijkt het alsof het ‘slachtoffer’ zijn dader een koekje van eigen deeg gaat geven. De eerste gedachte dat de dader dit verdient maakt al gauw plaats voor de hoop dat het ‘slachtoffer’ het niet doet. Hoe gek het ook was ik kon geen medelijden opbrengen voor het slachtoffer en geen boosheid voor de dader. De enige gedachte die ik had was ‘doe het alsjeblieft niet want dat maakt jou net zo erg’.

Al het kwade begint bij het goede… het zien dat iemand , die zich opofferde voor zijn maten, die zich inzet voor het goede, dan toch met één simpele keuze ook een dader zou kunnen worden. Simpelweg omdat hij vindt dat het zijn recht is omdat de ander dat hem ook aandeed. Het dragen van je lot is niet altijd gemakkelijk. Maar het recht in eigen hand nemen zorgt systemisch ervoor dat het probleem in stand blijft. Het slachtoffer wordt dader en de dader slachtoffer.

Uiteindelijk kiest het slachtoffer ervoor om de dader te vergeven. Aan het eind van de film zie je hoe ze vrienden worden. Er worden foto’s getoond van de echte personen hoe ze als vrienden verder door het leven gingen. Het slachtoffer vindt rust bij zijn dader. Wat voor mij eerder nog moeilijk te bevatten was leek nu ineens heel logisch.